Zoeken

 

Onderzoek naar de effectiviteit van Zegenend Helpen

 

Samenvatting

Omdat het bestuur van de Stichting haar mening dat Zegenend Helpen (ZH) voor veel mensen een helende ervaring is, wilde toetsen, heeft zij een onderzoek laten uitvoeren onder cursisten en hulpvragers naar de effectiviteit van deze pastorale benadering.

In totaal zijn er 200 enquêtes verstuurd, waarvan er 81 bruikbare responsies zijn terugontvangen. Van de respondenten ervaart 80% een positieve bijdrage van de hulpverlener aan Gods handelen in hun leven; 90% ervaart Gods aanwezigheid tijdens de gesprekken. Tachtig procent geeft aan dat er gewoonten veranderd zijn, en 70% geeft aan dat overtuigingen veranderd zijn. De meerderheid geeft aan dat de kwaliteit van leven aanzienlijk is verbeterd. Confidenten ervaren een stijgende lijn in het ervaren van God, ook nadat het traject is afgerond. Aan de respondenten werd ook gevraagd om in de vorm van een schoolcijfer een eindbeoordeling te geven van ZH. De resultaten hebben ons blij verrast: 44% gaf een 8 (goed), 24% een 9 (zeer goed) en 11% een 10 (uitmuntend).

 

Aanleiding

Binnen de pastoraal-psychologische hulpverlening bestaan vele methoden en benaderingen. Zegenend Helpen is één bepaalde benadering binnen dat spectrum. Docenten die ZH onderwijzen en hulpverleners die dit toepassen, claimen niet dat dit de enig juiste of enig werkzame benadering is. Wel hebben zij de overtuiging dat ZH effectief is. Het bestuur van de Stichting heeft zich daarom afgevraagd of het mogelijk zou zijn om dit ook in meer objectieve zin vast te stellen. Om deze vraag te antwoorden heeft het bestuur in 2008 een onderzoek laten verrichten naar de effectiviteit van de Zegenend Helpen-benadering.

 

Uitvoering

Het onderzoek is uitgevoerd door Aron Kroon en Dominique Brouwer-Overduin in het kader van hun eindscriptie aan de Evangelische Theologische Hogeschool te Ede ter verkrijging van de bachelorgraad van de opleiding Godsdienst-Pastoraal Werk.

Het onderzoeksmateriaal bestond uit de resultaten van een anonieme enquête onder cursisten en confidenten, die bekend waren met de ZH-benadering.

Op deze website vermelden wij alleen de analyse van de enquête onder confidenten. Voor de tekst van de gehele scriptie zij verwezen naar deze koppeling op de HBO Kennisbank.

 

Onderzoeksvraag

De algemene onderzoeksvraag is als volgt geformuleerd: In welke mate is ‘Zegenend Helpen’ effectief voor confidenten ten aanzien van hun groei en genezing in relatie tot zichzelf, anderen en God?

 

Onderzoekspopulatie

In het onderzoek zijn alleen mensen gevraagd die een traject met een hulpverlener hebben afgerond en het laatste gesprek moest minimaal zes weken geleden zijn. Van de 200 verstuurde enquêtes werden er 81 (40%) bruikbare terugontvangen. De onderzoekspopulatie bestond uit 70% vrouwen en 30% mannen. De leeftijden varieerden tussen begin twintig en achterin in de zeventig. De grootste groep (33%) was tussen de 45 en 54 jaar. Een kwart van de confidenten kerkt in de Protestantse Kerk Nederland. De rest komt uit evangelische kringen, zoals baptistengemeenten, pinkstergemeenten en huisgroepen.

 

Gegevens over de hulpverlening

Zeventig procent van de confidenten heeft meer dan 10 gesprekken gehad en van die groep heeft de helft er meer dan 30 gehad. Voor meer dan 60% van de confidenten heeft het traject meer dan een jaar heeft geduurd. De helft van de respondenten heeft ergens anders eerder hulp gezocht met betrekking tot hun hulpvraag. Genoemd werden onder andere: maatschappelijk werk, kerkelijk werk, Stichting Gliagg, Stichting Riagg, psycholoog, Stichting Koinonia en de huisarts.

 

Externe factoren

Bijna driekwart van de confidenten geeft aan dat ook externe factoren (zoals een nieuwe gemeente, bezoek van conferenties, Bijbelschool, vakantie, nieuwe baan, het bezoeken van een fysiotherapeut, het praten met vrienden, familie en partner) positief hebben bijgedragen aan de zoektocht naar een antwoord op de hulpvraag.

Vijfentwintig procent van de respondenten is van mening dat ZH en externe factoren in gelijke mate hebben bijgedragen.

 

Ervaring van Gods aanwezigheid

Bijna 90% ervoer God tijdens de gesprekken als aanwezig (48%) of zeer aanwezig (39%).

Circa 70% ervoer God in de periode tussen de gesprekken net zo sterk als tijdens de gesprekken. Dat wil zeggen: 49% ervoer God aanwezig en 18% zeer aanwezig.

 

Veranderingen in levensstijl

Tachtig procent van de confidenten geeft aan dat er gewoonten veranderd zijn, zoals: stabieler karakter, positiever denken, vrolijker, zelfstandiger, leren loslaten, leren bidden, zelfverzekerder, minder laten leiden door angst, grenzen stellen. Op de vraag wat confidenten denken dat de reden van deze verandering is zeggen ze dat het komt door stille tijd te houden, naar een Bijbelschool te gaan, door bewust te oefenen, door de gesprekken met hulpverleners en door erover te praten met mensen die dichtbij hen staan

Zeventig procent van de confidenten geeft aan dat bepaalde overtuigingen zijn veranderd in hun leven. Veel confidenten geven aan dat hun Godsbeeld in positieve zin veranderd is. Ook het zelfbeeld van veel confidenten is beter geworden.

 

Kwaliteit van leven

De kwaliteit van leven van de respondenten is onderzocht door ze te vragen hun leven te waarderen op een schaal van 0 tot 10, vóór ZH, direct na ZH en in het heden. In onderstaande tabel is de verdeling te zien.

 

5 of minder

6

7 of hoger

Voor ZH

56%

21%

17%

Direct na ZH

16%

13%

65%

Heden

3%

11%

65%

 

Meer dan de helft geeft zijn/haar leven een 5 of minder vóór de hulpvraag, vanwege depressies trauma’s, zonde, suïcidale neiging, verdriet, overleven, minderwaardigheidsgevoelens.

Vijfenzestig procent van de confidenten geeft zijn/haar leven een 7 of hoger na het laatste gesprek van ZH. Redenen waarom het leven nu een voldoende krijgt, waren onder andere dat trauma's aanvaard waren en een plekje hadden gekregen, dat pijn en verdriet in het licht van Jezus gezet waren, dat er geleerd was het leven op Gods waarde te schatten en dat God zelf dingen in hun leven had rechtgezet of hersteld.

Uit de laatste regel van de tabel blijkt dat het positieve effect ook duurzaam is.

 

Relatie met God

In dit onderdeel werd gevraagd in hoeverre men de betrokkenheid van God bij hun leven ervoer vóór ZH, direct na ZH en in het heden. In onderstaande tabel is de respons samengevat.

 

Zeer betrokken

Betrokken

Enigszins betrokken

Niet zo/helemaal niet betrokken

Voor ZH

19%

37%

24%

14%

Direct na ZH

49%

37%

7%

1%

Heden

56%

29%

7%

2%

Hieruit blijkt dus een aanzienlijk positief effect van ZH.

Ruim 70% geeft aan door de gesprekken dichter bij God te zijn gekomen. Confidenten zeggen dat de relatie met God persoonlijker is geworden, dat ze Gods genade hebben leren kennen, dat ze hebben geleerd dat ze waardevol zijn in de ogen van God en dat ze hebben leren bidden.

Er waren ook confidenten die aangaven dat de relatie met God niet verbeterd was door de gesprekken hun hulpverlener. Soms was dit omdat er niet zoveel veranderd was in die relatie, soms omdat er al een heel goede relatie was, en soms ook omdat God volgens de confident niet het probleem was.


Relaties met anderen

Achtenzestig procent zegt dat relaties (met partner, directe familie en goede vrienden) verbeterd zijn, doordat ze positiever in het leven staan, en minder afhankelijk en kwetsbaar zijn. Vijftien procent zegt dat er in deze relaties niets veranderd is. De mensen die aangeven dat bepaalde relaties verslechterd zijn, wijten dit aan het feit dat ze assertiever zijn geworden en dat dit binnen sommige relaties spanningen veroorzaakt.

Van de confidenten geeft 58% aan dat relaties verbeterd zijn, doordat men nu grenzen durft aan te geven en met vreemden durft te praten. Achtentwintig procent zegt dat er in de relaties met kennissen en vreemden niets veranderd is. De overige 14% geeft aan dat de relaties met vreemden verslechterd is. Dit komt volgend hen doordat ze minder naïef zijn en hebben geleerd 'nee' te zeggen. Door deze dingen verloren zij mensen om hen heen die deze veranderingen niet begrepen.

 

Geestelijke houding

Het traject dat confidenten bij ZH volgden heeft nauwelijks invloed gehad op het gebedsleven van de confident. Confidenten die al veel beden bleven dat doen.

Mensen die gezegend worden, worden aangemoedigd om het ook zelf te blijven gebruiken. Circa 48% zegt dat zegenen op dit moment nog steeds een rol, of grote rol, speelt in hun leven.

Er valt een stijgende lijn te constateren in het ervaren van de vrede van God, ook nadat het traject afgerond is. Ditzelfde geldt voor het lezen van de Bijbel.

 

Eindbeoordeling

Over het algemeen zijn de mensen die een traject gevolgd hebben bij Zegenend Helpen daar erg tevreden over (zie onderstaande tabel).

Eindbeoordeling (0-10) ZH

%

10

11

9

24

8

44

7

8

6

2

5

5

 

In totaal geeft dus 87% een 7 of hoger.

Confidenten die een 6 of lager gaven hebben hiervoor als reden genoemd dat ze er meer van verwacht hadden, dat de hulpvraag niet beantwoord is, dat er (te) weinig veranderd is in hun relatie met Jezus, dat het geen sterke indruk heeft achtergelaten maar dat het vaak wel een goed begin was. Ook geven veel confidenten aan dat de benadering mogelijk beter was aangeslagen als ze een andere hulpverlerner hadden getroffen.