
Missie & Visie
1 Petrus 3: 9b “Zegen juist, opdat u zelf ook zegen ontvangt,
want daartoe bent u geroepen.”
Missie
Zegenend Helpen verlangt naar een wereld waarbij mensen vanuit de liefdevolle genade, sterke kracht en helende relatie met God leven en leven uitdragen.
Visie
Zegenend Helpen gelooft in de kracht van de zegen van God en ziet zegenen als een 'way of life', omdat we als christenen geroepen zijn om te zegenen (Petrus 3: 9).
Daarom wil Zegenend Helpen mensen leren zegenen en leren groeien in de helende relatie met God, en pastorale werkers toerusten.
Grondslag en theologische uitgangspunten
De grondslag van de stichting is de Bijbel als het gezaghebbende Woord van God. De theologische uitgangspunten vallen binnen het raamwerk van de beginselverklaring van de Evangelische Alliantie (waarvan de stichting deelnemer is) en het Lausanne Convenant.
Deze uitgangspunten verwoorden wij als volgt:
-
God heeft het verlangen zijn schepselen te zegenen, d.w.z. hen het goede toe te spreken. Daarbij zijn woorden en daad voor God één. Dit verlangen van God betekent voor de mens dat hij ook een positieve, verwachtende en ontvangende houding mag hebben dat God goede dingen zal doen.
-
Terwijl veel begeleiding probleemgericht is willen wij in Zegenend Helpen (voortaan afgekort als ZH) vooral de aandacht voor het goede door woord en houding van helpers centraal stellen. Een belangrijk aspect hiervan is een stil luisteren zodat God zelf die woorden kan spreken die de hulpvrager nodig heeft.
-
Zowel in het Oude als het Nieuwe Testament wordt de opdracht tot zegenen gegeven. We bedoelen daarmee niet de specifieke ambtelijke zegen maar een zegenend leven vanuit het priesterschap der gelovigen (Romeinen 12: 14 en 1 Petrus 3: 9). Die houding heeft tot gevolg dat de helper niet alleen met menselijke bewogenheid naast de hulpvrager staat en zich met hem tot God wendt maar ook dat de helper zegenend aan Gods kant gaat staan en met de genade en het erbarmen van de Heer naar de hulpvrager kan kijken.
-
Jezus geeft bij de uitzending van zijn discipelen en van de zeventig hen de opdracht bij het verspreiden van het Koninkrijk van God mensen tegemoet te treden met zijn shalom (Mattheüs 10: 12 e.a.). D.w.z. het begint met het toespreken van de heelheid (shalom) van God.
-
Wanneer God bewogen is komt Hij in actie. We zien in het OT dat God komt in de situatie van zijn volk (wonderen, plagen in Egypte, wolkkolom). In het NT komt de volledigste manier daarvan naar voren namelijk in de vleeswording van Jezus Christus. In Hem komt God dus in de puinhopen en in de modder van deze wereld. Zo benadrukt ZH de komst van de verlosser in de moeilijke, pijnlijke of zondige situatie van de hulpvrager. Daarom heeft ZH een sterk Christo-centrisch karakter. Eerst de blik op Jezus richten en dan pas op de situatie.
De uitwerking van deze principes brengt het volgende:
-
De hulpvragers worden gezegend met de vrede van de Heer (de Vader, Jezus of de Heilige Geest). Het Joodse begrip vrede is weidser dan het Griekse begrip, daarom vertaalt Paulus shalom met genade en vrede. Het zegenen hiermee gebeurt niet om ‘toe te dekken’ maar juist om een veilige situatie te creëren waarin de hulpvrager de problemen en/of de angstige gebeurtenissen onder ogen kan zien. Ook hier ervaren hulpvragers dat Gods woord betekent dat Hij handelt.
-
Gods incarnatiehouding betekent, dat met de hulpvrager het Maranatha-gebed (Heer, kom) gebeden kan worden. Dit is een uitnodigen van God in de situatie van vandaag of in een situatie van vroeger wanneer Zijn aanwezigheid daarin niet ervaren is. Een manifestatie van Gods Tegenwoordigheid in een situatie is evenwel een soevereine daad van God. Het geeft de mogelijkheid om situaties in een ander licht te zien en te ‘her kaderen’. We kunnen dan ook het verborgen goede uit die situaties onder de aandacht brengen.
-
Het incarnatieprincipe betekent dat wij in ZH de eigen cultuur van de hulpvrager als noodzakelijk startpunt voor de begeleiding stellen. God komt waar wij zijn. ZH benadrukt daarom dat de helper als coach mag optreden. Deze begint waar de ander is i.p.v. te beginnen met algemeen erkende, meestal cultureel gevormde, waarden en normen van de christelijke omgeving. De vorm van het gebed en de woorden ervan worden ook cultureel bepaald.
-
Dit geldt ook voor niet-christelijke hulpvragers. Zij worden aangesproken op voor hen herkenbare ‘scheppingsgaven’. God is aan het werk in ieder mens, ook al (h)erkent die Hem niet. Deze scheppingsgaven kunnen wij bevestigen en ermee instemmen.
-
Gods komen in de situatie betekent dat de hulpvrager reële verwachtingen mag koesteren. De reiniging, genezing en heiliging van geest, ziel en lichaam kan gebeuren door de werking van de vrede van God (1 Thessalonicenzen 5: 23, Filippenzen 4: 6vv). Inderdaad, ook van het lichaam dat herinneringen van gevoelens en subjectieve waarnemingen heeft opgeslagen waar wij ons niet direct bewust van behoeven te zijn. Zo kunnen ‘flashbacks’ onverwacht optreden door impulsen die het lichaam ervaart, zodat iemands zielenleven er door wordt beïnvloed en tenslotte ook zijn geest. De relatie geest, ziel en lichaam wordt in ZH dan ook gezien als een cirkel. Lijfelijke herinneringen kunnen zo krachtig zijn dat het noodzakelijk wordt het lichaam als het ware te reinigen waardoor het weer een normaal reactiepatroon krijgt. Dit is één van de belangrijkste aandachtspunten in ZH, waarin het zich onderscheidt van andere pastorale werkvormen.
Conclusies:
-
ZH is geen methode maar een houding naar God toe. Die houding van overgave aan God bepaalt ook de houding naar de hulpvrager toe en wel vanuit Gods respect, genade en bewogenheid met die mens.
-
ZH sluit daarom aan op wat God reeds deed of aan het doen is in het leven van de hulpvrager en probeert niet een eigen programma af te wikkelen. Zo is de bekrachtiging van de hulpvrager nodig om de pijnlijke werkelijkheid van verleden, heden en/of toekomst onder ogen te zien, alleen voor zover God dit nodig vindt (1 Cor. 10: 13, Hebr. 4: 8). Dit betekent dus dat we niet automatisch gaan graven. Niet alles behoeft herleefd te worden om er vrij van te komen. Er zijn ook zaken die zo pijnlijk zijn, of door God als ‘niet ter zake doende’ worden beschouwd, dat Zijn vrede dit kan omhullen en ontkrachten.
-
Hiermee is ZH een manier van omgaan met hulpvragers die niet dwingend is. De vrijheid die Jezus Christus geeft wordt als basisvoorwaarde in de begeleiding gerespecteerd.
Logo
De missie en visie van Zegenend Helpen komt tot uitdrukking door het logo. In het logo zie je drie halmen en waterdruppels.

De halmen staan symbool voor de mensen en de waterdruppels voor de zegen van God. Het logo kan je lezen als een stripverhaal:
1. De halm links heeft een probleem: hij is geknakt.
2. Door de zegenrijke hulp van God kan de halm zich oprichten (halm midden).
3. Later kan de halm zich ontwikkelen en uitgroeien (halm rechts).